Symboliek

In veelal sieraden, maar ook in films zien we symbolen.

Definitie:
De levensboom staat symbool voor:
Een nieuwe start van het leven, positieve energie, groei en kracht, een goede gezondheid en een mooie toekomst. Het is het symbool van onsterfelijkheid. Een boom wordt oud, maar hij draagt ​​zaden die de essentie ervan bevatten en op deze manier wordt de boom onsterfelijk. 

Door je met de energie van de levensboom te verbinden herinner je jezelf er aan dat je in contact staat met het universum en dat je verbonden bent met de kracht van de aarde en de godenwereld


Wij Christenen worden door God behoed en gewaarschuwd voor afgoden!
Het vereren van meerdere goden en/of afgoden is gevaarlijk!

Kinderen, wees op uw hoede voor de afgoden.

1 Johannes 5:21

Hindoeïsme

In het hindoeïsme is de levensboom, vaak de heilige vijgenboom Asvattha of banyanboom, een belangrijk symbool voor de verbinding tussen de spirituele en materiële wereld, onsterfelijkheid, wijsheid en groei. Volgens de Bhagavad Gita is het een omgekeerde boom met wortels die naar de hemel reiken en takken naar de aarde, wat het verband tussen het goddelijke en het menselijke symboliseert. 

 


Het hindoeïsme kent vele goden en godinnen, die vaak gezien worden als verschillende uitingen van één goddelijke kracht genaamd Brahman. De bekendste goden zijn de 'Trimurti': Brahma (de schepper), Vishnu (de beschermer) en Shiva (de verwoester). Hoewel het hindoeïsme vaak als polytheïstisch wordt beschouwd, geloven veel hindoes in deze ene goddelijke kracht die zich op verschillende manieren manifesteert. 

Boeddhisme

In het boeddhisme staat de boom des levens bekend als de bhodi-boom. Het was onder deze boom dat Boeddha de verlichting bereikte, dus het wordt gezien als een zeer heilig symbool.


De diverse goden in het boeddhisme hebben ieder een eigen karakter en personage. In de Tripitaka worden vele goden genoemd, die vaak ook in conversatie treden met Gautama Boeddha en zijn monniken. In het boeddhisme worden verschillende bestaanswerelden beschreven, voornamelijk gebaseerd op de algemene ervaringen van de levende wezens die erin verkeren: goden (plezier), half-goden (aangenaam maar jaloers), mensen, dieren (lage intelligentie), hongerige geesten (zeer onbevredigd), en hellewezens (extreem lijden).

Deva (godheid) is een verzamelnaam voor alle goddelijke of bovennatuurlijke wezens, en wordt zowel in het boeddhisme als het hindoeïsme gebruikt

Keltisch geloof

De Tree of Life is nog steeds een prominent symbool in de Keltische overtuigingen en wordt in meerdere vormen afgebeeld. Ze geloven dat de wortels de 'andere wereld' vertegenwoordigen, de stam vertegenwoordigt de sterfelijke wereld en verbindt de wortels en takken, en de takken vertegenwoordigen de wereld erboven, of de hemel.


Keltisch geloof was een polytheïstische religie die de natuur vereerde en geloofde in honderden goden, zoals de oppergod Daghdha. Andere belangrijke elementen waren de nadruk op de natuur (bomen, bronnen, heuvels), voorouderverering, de viering van feestdagen zoals Samhain (waaruit Halloween voortkwam), en het geloof in een leven na de dood of reïncarnatie.

Maar Ik, de HEER, ben je God al sinds Egypte, en met andere goden mag je je niet inlaten; buiten Mij is er niemand die je redt.

Hosea 13:4